 |
 |
|
|
Achttien
‘Barbara…..’
‘ Ja?’
‘
Gisteren toen ik Amba naar bed bracht…..’
‘ Ja?’
‘ Maakte je zus een hele bijzondere opmerking!’
‘ O, wat dan wel?’
‘ Amba vroeg zich af of je die opleiding gaat doen’
‘ Waar bemoeit ze zich mee?’
‘ Vind je?’
‘ Hoe dat ineens zo?’
‘ Ze had over je zitten fantaseren, zei ze!’
‘ Goh!’
‘ Ik wil dat mijn zus ook naar school gaat!’
‘ Heeft ze dat echt gezegd?’
‘ Maar ga je er nog mee beginnen?’
‘ Weet ik nog niet!’
‘ Het past wel bij je!’
‘ Ja dat zegt bijna iedereen!’
‘ Grappig!’
‘ Wat vertelde Amba nog meer?’
‘ Ze heeft een wens!’
‘ Een wens?’
‘ Als ze achttien wordt!’
‘ Nu al?’
‘ Ik was er helemaal door ontroerd!’
‘ Ontroerd?’
‘ Ze had nagedacht, zei ze!’
‘ Nagedacht over een wens?’
‘ Ja..!’
‘ Je maakt me nieuwsgierig!’
‘Ze wil door jou na school worden opgehaald!’
‘ Ze kan toch zelf naar huis fietsen?’
‘ Op dat moment ben jij haar speciale cadeau!’
‘ Ik?’
‘ Ja, voor je zus wel!’
‘ Speciaal zeg je?’
‘ Je moet ook nog iets voor haar meebrengen!’
‘ Ze heeft lef!’
‘ Iets wat rijdt!’
‘ Wat?’
‘ Een auto zonder deksel’
‘ Auto zonder deksel?’
‘ Een cabriolet!’
‘ Een cabriolet?’
‘ Ja, een blauwe!’
‘ Ook dat nog!’
‘ Dat is toch je lievelingskleur?’
‘ Wat wil ze daarmee dan gaan doen?’
‘ Bij je lessen!’
8 – 9 -
2004
Marianne E. Klapwijk
|
|
| Copyright M.E. Klapwijk
© |
|